Bijna de helft van de professionals in accountancy en finance heeft geen vertrouwen in het gebruik van AI bij recruitment. Dat blijkt uit de Global Talent Trends 2026 van de Association of Chartered Certified Accountants (ACCA). Van de ondervraagden zegt 48 procent niet overtuigd te zijn van AI-technologie voor werving en selectie. Daar staat 43 procent tegenover die er wel vertrouwen in heeft.
Zorgen over AI
De zorgen over AI bij recruitment vormen een van de hoofdthema’s in de vierde editie van het onderzoek. ACCA ziet onder meer vragen over algoritmische vooroordelen, het verlies van menselijk contact en de manier waarop persoonsgegevens worden gebruikt. Tegelijk erkennen werkgevers volgens de onderzoekers dat geautomatiseerde systemen kunnen helpen bij het verwerken van grote aantallen sollicitaties.
Jongere professionals zijn positiever over AI
De houding tegenover AI verschilt sterk per generatie. Gen Z, in het rapport gedefinieerd als respondenten jonger dan 29 jaar, is de enige generatie waarin een meerderheid vertrouwen heeft in AI bij recruitment. Van deze groep is 55 procent positief en 37 procent niet overtuigd. Het resterende deel heeft geen standpunt ingenomen.
Bij millennials, door ACCA aangeduid als Gen Y en 30 tot en met 45 jaar oud, draait de verhouding om. In deze groep heeft 37 procent vertrouwen in AI bij recruitment, terwijl 54 procent geen vertrouwen heeft. De scepsis is het grootst onder Gen X. Van de respondenten tussen 46 en 61 jaar is 26 procent positief en 62 procent negatief.
Onder babyboomers van 62 jaar en ouder heeft 35 procent vertrouwen en 55 procent geen vertrouwen. Daarmee is de groep positiever dan Gen X, maar duidelijk terughoudender dan Gen Z.
Het onderzoek verklaart niet rechtstreeks waarom jongeren meer vertrouwen hebben. ACCA stelt alleen vast dat het vertrouwen duidelijk afneemt bij oudere generaties. Het rapport bevat geen experimentele analyse waarmee leeftijd als oorzaak kan worden aangewezen. Verschillen in ervaring met digitale toepassingen, positie op de arbeidsmarkt of eerdere ervaringen met selectieprocedures zijn in deze cijfers niet afzonderlijk onderzocht.
Vertrouwen verschilt sterk tussen sectoren
Ook de werkomgeving hangt samen met de houding tegenover AI. Respondenten bij de Big Four zijn het positiefst. Daar zegt 50 procent vertrouwen te hebben in het gebruik van AI bij recruitment en 42 procent niet. In middelgrote accountantskantoren zijn beide groepen met 45 procent even groot. Bij kleine accountantskantoren en zelfstandige praktijken heeft 44 procent vertrouwen en 46 procent geen vertrouwen.
Buiten de accountantspraktijk is het beeld negatiever. In de publieke sector heeft 33 procent vertrouwen en 56 procent geen vertrouwen. Binnen financiële dienstverlening gaat het om respectievelijk 37 en 55 procent. Bij grote bedrijven heeft 35 procent vertrouwen, tegenover 57 procent zonder vertrouwen. In shared services is 35 procent positief en 60 procent negatief.
De grootste terughoudendheid is zichtbaar bij non-profitorganisaties en goede doelen. Slechts 29 procent van de respondenten in deze sector heeft vertrouwen in AI bij recruitment, terwijl 63 procent geen vertrouwen heeft. Ook bij het midden- en kleinbedrijf is de scepsis groot: 30 procent heeft vertrouwen en 58 procent niet.
De academische wereld wijkt af van dit patroon. Onder respondenten uit het onderwijs en de wetenschap is 48 procent positief en 38 procent negatief. Zelfstandigen en ondernemers zitten daar tussenin, met 42 procent vertrouwen en 49 procent zonder vertrouwen.
De sectorcijfers laten een samenhang zien, maar bewijzen niet dat het soort organisatie de houding veroorzaakt. ACCA publiceert in het rapport geen aantallen respondenten per sector bij deze grafiek. Daardoor is op basis van de openbare informatie niet te beoordelen hoe groot de afzonderlijke deelsteekproeven zijn of wat de statistische onzekerheid per sector is.
Leidinggevenden zijn sceptisch
Opvallend is dat het gebrek aan vertrouwen niet beperkt blijft tot medewerkers in juniorfuncties. Van bestuurders, senior executives, eigenaren en partners heeft 37 procent vertrouwen in AI bij recruitment. Meer dan de helft, 54 procent, heeft dat vertrouwen niet.
Bij de bredere groep leidinggevenden is de scepsis nog iets groter. Daar is 35 procent positief en 57 procent negatief. Onder het middenmanagement heeft 36 procent vertrouwen, terwijl 54 procent geen vertrouwen heeft. Junior- en startersfuncties laten met 41 procent het meeste vertrouwen zien. Ook in deze groep is echter de helft niet overtuigd van AI in het recruitmentproces.
Tijdens rondetafelgesprekken wezen werkgevers volgens ACCA op een praktisch dilemma. Door de grote aantallen sollicitaties is geautomatiseerde filtering voor sommige organisaties moeilijk te vermijden. Werkgevers zien mogelijkheden om AI te gebruiken voor het zoeken naar kandidaten, het maken van vacatureteksten, administratieve planning en ondersteuning bij assessments. Tegelijk bestaat de vrees dat geschikte kandidaten worden gemist wanneer recruiters algoritmische beoordelingen onvoldoende begrijpen of te weinig persoonlijk contact met sollicitanten hebben.
ACCA noemt bias de belangrijkste inhoudelijke zorg. Een systeem kan menselijke vooroordelen mogelijk verkleinen, maar kan ook bestaande patronen uit trainingsdata overnemen. Andere genoemde risico’s zijn minder persoonlijke feedback, onduidelijkheid over gegevensgebruik en een selectieproces waarin kandidaten niet weten hoe een beslissing tot stand komt.
De organisatie pleit daarom voor menselijk toezicht, controle van algoritmen en transparantie over de inzet van AI. Volgens ACCA moet technologie het professionele oordeel van recruiters ondersteunen en niet vervangen. Het volledige onderzoeksrapport geeft echter weinig informatie over de steekproeftrekking, weging en foutmarges. De percentages beschrijven daarom de 11.389 respondenten van de ACCA-enquête en kunnen niet zonder meer worden vertaald naar alle professionals in accountancy en finance wereldwijd.
Over het onderzoek
Voor het jaarlijkse onderzoek verzamelde ACCA antwoorden van 11.389 professionals uit 160 landen. Het veldwerk en de rondetafelgesprekken vonden plaats tussen oktober 2025 en februari 2026. Volgens de beroepsorganisatie is dit het grootste jaarlijkse internationale onderzoek naar loopbanen, banen en het werkende leven binnen accountancy en finance.

















