UWV stopt met de Bemiddelingsservice (BMS), een nieuw systeem dat werkzoekenden en vacatures met behulp van AI beter aan elkaar moest koppelen. Sinds de start in 2021 is ongeveer 55 miljoen euro aan het project besteed. De mislukte invoering raakt aan fundamentele vragen over de selectie van recruitmentsoftware, de kwaliteit van arbeidsmarktdata en de meetbaarheid van AI-matching. Over de aanbesteding en uitvoering uitte blogger Marc Drees op RecruitmentMatters.nl al jarenlang kritiek.
Het besluit viel op 13 oktober 2026. In een verklaring van UWV stelt de organisatie dat er onvoldoende vertrouwen is in een succesvolle invoering binnen een aanvaardbare termijn en tegen verantwoorde kosten. Minister Hans Vijlbrief bevestigt in een brief aan de Tweede Kamer dat een externe quickscan opnieuw grote problemen aan het licht bracht.
Van traditionele matching naar vaardigheden
Met BMS wilde UWV afstand nemen van een systeem dat werkzoekenden vooral koppelt aan vacatures op basis van opleiding, werkervaring en eerdere functies. De nieuwe oplossing moest ook vaardigheden, competenties en ambities meenemen. Dat zou bijvoorbeeld een overstap naar een ander beroep of een andere sector beter mogelijk maken.
De bemiddelingssoftware moest de bestaande applicatie WBS vervangen. Die is verbonden met Werk.nl en SONAR, systemen die volgens het Adviescollege ICT-toetsing (AcICT) als problematisch verouderd zijn aangemerkt. Uiteindelijk moest BMS beschikbaar komen voor ongeveer 3.000 UWV-adviseurs. Een volgende fase zou ook werkzoekenden en werkgevers rechtstreeks toegang geven. Die tweede fase was nog niet begroot.
8vance gekozen na een moeizame aanbesteding
In maart 2023 werd bekend dat UWV koos voor het Nederlandse softwarebedrijf 8vance. De oorspronkelijke Europese aanbesteding had geen geldige inschrijvingen opgeleverd, waarna een onderhandelingstraject volgde. In de aankondiging van de samenwerking schreef 8vance dat medewerkers van UWV de oplossing uitvoerig hadden getest en vergeleken. Het bedrijf presenteerde zijn technologie als een manier om meer mensen naar passend werk te begeleiden.
Het latere oordeel van AcICT plaatst die verwachtingen in een ander licht. Volgens het adviescollege bood een eenmalige vergelijking van de resultaten van de oude en nieuwe matching onvoldoende zekerheid over de werking in de praktijk. Ook waren de criteria voor een goede match en de verwachte verbetering niet scherp vastgelegd. Het college stelde nadrukkelijk niet vast dat het product ondeugdelijk was, maar evenmin dat het voldeed.
Een standaardpakket dat toch maatwerk werd
De complexiteit groeide al bij de technische inrichting. 8vance leverde de software als Software-as-a-Service vanuit een publieke cloud, maar UWV wilde de applicatie op de eigen infrastructuur draaien. Daarvoor bouwde UWV een containerplatform en moest de leverancier zijn software aanpassen. Het AcICT noemt dat opmerkelijk bij de invoering van een standaardpakket, dat normaal zo veel mogelijk op de bedoelde manier wordt gebruikt.
Ook de gegevensuitwisseling werd ingewikkeld. UWV koos voor bijna directe synchronisatie met bestaande systemen via een nieuwe centrale database en verschillende koppelingen. Volgens het adviescollege functioneerden die koppelingen onvoldoende betrouwbaar. Gegevens kwamen niet altijd aan of keerden niet correct terug naar de oorspronkelijke systemen. Eenvoudigere alternatieven, zoals het periodiek inlezen van gegevens, waren niet gekozen.
Daar kwam een verschil in uitgangspunten bij. De software van 8vance ging ervan uit dat vaardigheden en competenties in de applicatie werden ingevuld. UWV wilde juist voortbouwen op bestaande profielen en vacatures waarin die informatie vaak ontbrak. De leverancier moest daarom extra functionaliteit ontwikkelen om dergelijke gegevens automatisch toe te voegen. Het project kreeg zo steeds meer kenmerken van maatwerk.
Onvoldoende bewijs dat AI-matching beter werkt
Een van de zwaarste conclusies uit het AcICT-onderzoek van februari 2026 gaat over de kern van de software: de matching zelf. UWV had volgens het college te weinig kennis van de gebruikte algoritmen om de kwaliteit van de resultaten goed vast te stellen. Daardoor kon het niet onderbouwen of de nieuwe methode beter werkte dan de bestaande en in welke mate zij meer mensen aan werk zou helpen.
Het adviescollege wilde daarom eerst een beperkt praktijkexperiment, waarbij adviseurs met de standaardsoftware zouden werken naast de bestaande systemen. Pas nadat objectief en herhaalbaar was aangetoond dat het matchen meerwaarde had, zouden verdere integratie en landelijke invoering verantwoord zijn. In plaats daarvan waren de werkzaamheden lange tijd vooral gericht op het gereedmaken van de volledige technische keten.
Ook de regulering speelde een rol. UWV had BMS volgens AcICT zelf aangemerkt als een hoog-risico-AI-systeem onder de Europese AI-verordening. Het adviescollege miste een uitgewerkt overzicht van activiteiten om aan de eisen voor onder meer kwaliteitsbewaking te voldoen. Daarmee ging het niet alleen om de software die kandidaten selecteert, maar ook om de vraag of de werking voldoende kan worden gecontroleerd en uitgelegd.
Marc Drees waarschuwde al vanaf 2023
De problemen kwamen niet onverwacht voor lezers van RecruitmentMatters.nl. Blogger Marc Drees stelde in september 2023 al vragen over de aanbesteding. Hij wees onder andere op de sterke stijging van de geraamde opdrachtwaarde tijdens het traject en betwijfelde of UWV binnen de aanbestedingsregels was gebleven. Zijn vermoeden van een mogelijke overtreding is daarmee geen vastgesteld juridisch oordeel.
Vervolgens onderzocht Drees de herkomst en verwerking van gegevens bij 8vance en stelde hij vragen over privacy en de naleving van de AVG. In 2024 en 2025 probeerde hij via de Wet open overheid documenten boven tafel te krijgen. In een artikel uit januari 2025 beschreef hij de moeizame zoektocht naar informatie. De door hem geuite vermoedens over privacy en aanbesteding moeten worden onderscheiden van de bevindingen die het AcICT later officieel vaststelde.
In juni 2026 schreef Drees dat BMS volgens informatie waarover hij beschikte feitelijk al was vastgelopen. Hij verwees naar een evaluatie van een proef in Friesland waarin volgens zijn weergave kritiek stond op de data, matching, functionaliteit en gebruiksvriendelijkheid. Die specifieke evaluatie is in de geraadpleegde openbare stukken niet onafhankelijk geverifieerd. UWV bevestigt wel dat het systeem op kleine schaal is getest.
Op 14 oktober 2026 publiceerde Drees opnieuw over BMS, mede op basis van signalen over het naderende stopzetten. Hij vraagt ook om openbaarmaking van het externe rapport dat aan het besluit voorafging. Zijn langdurige berichtgeving laat zien dat er al geruime tijd vragen bestonden over de aanbesteding, kwaliteit en controleerbaarheid van de technologie.
Leverancier wijst op de kwaliteit van UWV-data
8vance is teleurgesteld over het einde van het project. Medeoprichter Han Stoffels zegt volgens berichtgeving van het Financieele Dagblad, aangehaald door de NOS, dat de kwaliteit van de data die UWV aanlevert de grootste belemmering vormt. Hij vergelijkt de situatie met het bouwen van een F-16 die vervolgens met diesel wordt gevuld.
Die kritiek sluit deels aan bij het oordeel dat de benodigde gegevens over vaardigheden vaak niet in de bestaande bestanden zaten. Het onafhankelijke AcICT-rapport legt de problemen echter breder neer: ook de inrichting van de software, de formulering van eisen, de technische koppelingen, de samenwerking en de controle op resultaten schoten tekort. Op basis van de openbare stukken kan de mislukking niet uitsluitend aan UWV-data of aan het algoritme van 8vance worden toegeschreven.
55 miljoen euro besteed, uiteindelijke schade nog onduidelijk
Volgens UWV is sinds 2021 circa 55 miljoen euro uitgegeven. Dat bedrag bestaat niet alleen uit licenties en externe diensten, maar ook uit eigen infrastructuur, waaronder een integratieplatform, een geconsolideerde database en het containerplatform. UWV onderzoekt in hoeverre die onderdelen opnieuw kunnen worden gebruikt.
In het AcICT-advies staan afzonderlijke bedragen voor de projectfasen: 7 miljoen euro voor databaseconsolidatie, 13 miljoen euro voor fase 0 en een budget van 30 miljoen euro voor fase 1. Het college noemde daarnaast een raming van 8,7 miljoen euro aan jaarlijkse structurele kosten na invoering. Dit zijn bedragen met verschillende betekenissen en peildata; ze kunnen niet bovenop de 55 miljoen euro worden geteld. Evenmin staat vast welk deel van de totale uitgaven rechtstreeks aan 8vance is betaald. De afwikkeling van de contracten volgt nog.
Na nieuwe quickscan definitief einde
Volgens de Kamerbrief van 14 oktober probeerde UWV de aanbevelingen van het AcICT over te nemen, maar lukte dat slechts gedeeltelijk. Daarom werd een externe quickscan uitgevoerd. Die constateerde aanzienlijke problemen met datakwaliteit, uitlegbaarheid, architectuurkeuzes en de aansturing van het project. Mede op basis daarvan besloot UWV op 13 oktober te stoppen.
Minister Vijlbrief kondigt een grondige evaluatie aan en wil de gevolgen van de stopzetting laten onderzoeken. UWV gaat met leveranciers in gesprek over de afbouw. Tegelijkertijd houdt de organisatie vast aan de ambitie om werkzoekenden en vacatures op basis van vaardigheden en competenties te koppelen. Welke software daarvoor in de plaats komt, wanneer die beschikbaar is en hoeveel van de investeringen nog bruikbaar blijkt, is vooralsnog onbekend.
Foto: Donald Trung / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0. Archieffoto uit 2018, bijgesneden en gecomprimeerd.















